Draai je tablet om verder te gaan.
WEB_24ZKIJ94_Haarlem_A1-A2 lang_ochtend_Heidi Uitloggen

Grammaticatrainer

7.2 hem, haar, ze

1

Luister naar de zin.

Lees de zin.

Kijk naar het plaatje.

Daar is Ali. Ik zie hem.

 

9_1_A

 

Daar is Layla. Ik zie haar.

 

9_1_B

 

Daar zijn Ali en Layla. Ik zie ze.

 

9_1_C

2

Luister naar de zin.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

3

Luister naar de zinnen.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

4

Luiser naar de zinnen.

Kies het goede antwoord.

Ik wacht op ...

We zorgen voor ... 

Je kunt ... bellen.

Hij houdt van ...

We kennen ... nog niet.

Ik zie ... niet. 

Ik mis ...

Hij mist ...

Hij zoekt ...

We horen ... niet.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

5

Luister naar de zinnen.

Zet de woorden op de goede plaats.

Ik begrijp hem niet goed.

We maken een afspraak met haar.

Gaan jullie met  ze op vakantie?

Adam houdt van haar.

David helpt ze vaak.

Kun je hem bellen?

We praten niet met haar.

Ik bel ze elke week.

Ik zie haar niet.

Ik ken hem al 25 jaar.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

6

Lees de zinnen.

Kies het goede woord.

Wat zegt de man? Ik begrijp ... niet.

Wat zegt de vrouw? Ik begrijp ... niet.

Ik wil graag met meneer en mevrouw Jansen praten. Kan ik een afspraak met ... maken?

Anna is ziek. Ik ga voor ... koken.

De buren zijn op vakantie. Ik zal ... bellen.

Ali is de buurman. Ik vind ... aardig.

We willen Anna graag zien. Ik vind ... aardig.

Sofia en Julia zijn mijn vriendinnen. Ik vind ... aardig.

Onze dochter heeft pijn. De dokter praat met ... 

De man heeft het druk. De vrouw helpt ...

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

7

Lees de zinnen.

Welke zin is goed?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

8

Lees de woorden.

Ze de woorden op de goede plaats.

Ik ontmoet ze in het park.

Kan je hem e-mailen?

We bellen haar morgen.

Ze wachten op hem.

Hij houdt van haar.

Kunt u voor hem betalen?

Sofia helpt ze morgen.

Ali vindt haar lief.

Ik stuur ze een e-mail.

We willen haar helpen.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen
Wat is de regel?

Dit is de regel:

 

één persoon  
   
Ali is een man. Ik vind hem aardig.
Layla is een vrouw. Ik vind haar aardig.
   

meer personen

 
   
Ali en Layla zijn mijn vrienden .  Ik vind ze aardig.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.