Draai je tablet om verder te gaan.
WEB_24ZKIJ94_Haarlem_A1-A2 lang_ochtend_Heidi Uitloggen

Grammaticatrainer

3.11 de zin met ‘als’, 'omdat': Ik ga naar bed, als ik moe ben. Ik eet niks, omdat ik geen honger heb.

1

Luister naar de zin.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

2

Luister naar de zin.

Wat hoor je?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

3

Luister naar de zin.

Zet de woorden op de goede plaats.

We gaan naar buiten, als het niet meer regent.

Ik ga koken, als de kinderen thuis zijn.

Ik hou van Layla, omdat ze erg lief voor me is.

Ik maak de keuken schoon, als jij voor me kookt.

Ze zorgt voor haar vader, omdat hij ziek is.

Wij doen samen boodschappen, als we een vrije dag hebben.

Ze kopen groente op de markt, omdat het daar goedkoop is.

Mijn vriend drinkt soms een biertje, als het warm weer is.

Ali gaat nooit naar de sportschool, omdat hij niet van sporten houdt.

Hij ligt nog in bed, omdat hij heel erg moe is.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Sleep het woord naar de juiste plek.

We gaan morgen fietsen, als het weer   mooi is.

Ik ga niet meer, omdat mijn dochtertje   ziek is.

Ik kom vanavond niet, omdat ik   het druk heb.

Haar man moet thuisblijven, omdat hij   griep heeft.

Ik ga een laptop kopen, als ik   weer geld heb.

Ze loopt altijd naar haar werk, omdat ze   geen fiets heeft.

U kunt ons bellen, als u   een klacht heeft.

De kleine jongen huilt, omdat hij   pijn aan zijn knie heeft.

Gaan jullie met ons mee, als we   naar de stad gaan?

Je kan hier niet oversteken, omdat het   veel te druk is.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

5

Lees de zinnen.

Welke zin is goed?

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen

6

Lees de woorden.

Zet de woorden op de goede plaats.

Ik bel je, als ik klaar ben.

Ik eet niets, omdat ik geen honger heb.

We willen een auto kopen, als we genoeg geld hebben.

Ik trek een trui aan, omdat het koud is.

Je mag de kleren ruilen, als je de bon hebt.

David moet lachen, omdat hij het grapje leuk vindt.

Anna kan de baan krijgen, als ze goed Nederlands spreekt.

Hij wil gaan zwemmen, omdat hij te dik is.

Ze blijven 's avonds thuis, omdat de kinderen een beetje ziek zijn.

Ik ga pas naar buiten, als het weer droog is.

10 van de 10 goed.
Opnieuw invullen
Wat is de regel?

Dit is de regel:

 

Ik ga naar bed, als ik moe ben.
Ik eet niks, omdat ik geen honger heb.
Ik kan niet komen, omdat ik de kinderen moet ophalen.

 

Kijk naar de plaats van het werkwoord.

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.