Slotopdracht
Doe de opdracht met de docent.
Praktijkopdracht
1 Beantwoord de vragen. Zoek het antwoord.
Kijk op de website van je werk of school. Of vraag het aan iemand.
Op welke dagen ben je vrij?
Waarom ben je vrij? Hoe heet de vrije dag?
Praat over je antwoorden in de les.
2 Interview iemand over een feest.
Praat Nederlands met iemand. Stel vragen over een feest.
Vraag bijvoorbeeld:
Bedenk eerst:
Vul in. Wat kun je?
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.