Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.
Vandaag heb ik een ... dag.
gratis
vrije
Mijn zus ... muziek. Het klinkt heel mooi.
haalt
maakt
We doen het voor het ...
gevoel.
plezier.
Op normale dagen ... dat niet.
mag
past
Glazen flesjes zijn ...
verboden.
verkeerd.
Dat ...: lekker eten en drinken met de familie.
belooft
betekent
In deze winkel kun je ... kopen.
bijna alles
bijna altijd
Sleep het goede woord in de zin.
Op vakantie bezoeken we een nieuwe stad. Dat vind ik interessant.
De mensen vieren feest. Ze zijn blij.
Mazen zoekt een baan, want hij wil geld verdienen.
Carolina loopt graag. Ze maakt elke dag een lange wandeling.
De zomer begint bijna. Dat betekent: lekker weer!
In mijn land kun je geen alcohol kopen. Dat is verboden.
Het kind wil bier kopen in de supermarkt, maar dat mag niet.
Ik maak bijna alles schoon, maar de badkamer niet.
We vinden het leuk. We doen het voor het plezier.
Wat hoort bij elkaar?
We vieren samen
mijn verjaardag.
Je verdient
veel geld.
De kinderen maken
mooie muziek.
We bezoeken
een stad.
Ze maken
een wandeling.
Iedereen heeft
een vrije dag.
Kies de goede reactie.
Ik reis zonder kaartje met de trein.
Dat is geen probleem.
Dat mag niet.
Moeten jullie vandaag werken?
Nee, we hebben een veilige dag.
Nee, we hebben een vrije dag.
Morgen ben ik jarig.
Dan maken we feest.
Dan vieren we feest.
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.