Draai je tablet om verder te gaan.

14 Mijn zus woont in Zweden

We hebben de hele avond gedanst

1 Doe de taak

Praten  over een bruiloft

1

Luister naar de tekst en lees mee.

 

Hebben we alles geregeld?
Mirjam gaat over twee maanden met Jeroen trouwen.

Ze praat met haar moeder over de bruiloft.

Het wordt een moderne, Nederlandse bruiloft.

Mirjam

Mam, ik vind het nu al spannend. Hebben we wel aan alles gedacht?

Moeder

Wat hebben jullie al geregeld? Is je trouwjurk bijvoorbeeld al klaar?

Mirjam

Ja, maar het pak voor Jeroen nog niet. Dat kan hij volgende week ophalen. 

Moeder

Hebben jullie de ringen al?

Mirjam

Die gaan we morgen samen uitzoeken.

Moeder

Oké, zijn de uitnodigingen voor het feest klaar?

Mirjam

Die doen we dit weekend op de bus.

Moeder

Mooi, hoeveel gasten verwachten jullie?

Mirjam

O, zeker 100.

Moeder

Heb je alle adressen gecheckt? Ben je niemand vergeten?

Mirjam

Nee, mam, laten we doorgaan.

Moeder

Oké. Hebben jullie het stadhuis geregeld? En de feestruimte?

Mirjam

Ja.

Moeder

Eten, drinken, muziek?

Mirjam

Ja, ja en ja.

Moeder

Wie maakt de foto's?

Mirjam

We moeten nog een fotograaf regelen.

Moeder

Oké. Gaan jullie trouwens op huwelijksreis?

Mirjam

Misschien. Jeroen wil niet, omdat hij dat te duur vindt. Maar ik wil graag een weekje naar een warm land, in een leuk hotel. O ja, mama, waar moeten opa en oma na de bruiloft slapen? Kunnen die een nachtje bij jullie logeren?

Moeder

Ja, natuurlijk, maak je geen zorgen.

Mirjam

Oei, ik denk opeens aan de kapper en de bloemen. Ik moet een afspraak bij de kapper maken en een boeket bestellen. Zullen we samen het bruidsboeket uitzoeken?

Moeder

Dat lijkt me leuk.

2

Beantwoord de vraag. Gebruik opdracht 1.

Wat moeten Mirjam en Jeroen nog voor hun bruiloft kopen of regelen?

Wat is nog niet klaar?

Maak een lijst.

3

Beantwoord de vragen.
Schrijf over een bruiloft in je herkomstland.

1. Waar is een bruiloft meestal?



2. Hoe lang duurt een bruiloft meestal?



3. Hoeveel gasten komen ongeveer op een bruiloft?



4. Hoe krijgen de gasten een uitnodiging?



5. Wie regelt de meeste dingen voor de bruiloft?



6. Wie betaalt voor de bruiloft?



7. Wat draagt de man op de bruiloft?



8. Wat draagt de vrouw op de bruiloft?



9. Wat doen mensen op het feest?



10. Wat eten en drinken mensen op het feest?



11. Geven gasten cadeaus op de bruiloft? Wat voor cadeaus?



12. Gaan partners op huwelijksreis? Waar gaan ze naartoe?



4

Werk samen. Praat samen. Gebruik opdracht 3.

A stelt de vragen van opdracht 3.

B geeft antwoord.

Wissel daarna van rol.

5

Werk samen. Luister naar het gesprek. Lees de zinnen hardop.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

B is naar een bruiloft geweest.

A stelt vragen over de bruiloft.

Vertellen over een bruiloft

A: Naar welke bruiloft ben je geweest?

B: Ik ben naar de bruiloft van mijn nicht geweest.

A: Hoe ben je naar de bruiloft gegaan?

B: Ik ben met een mooie auto gegaan.

A: Wat heb je op het feest gedaan?

B: Ik heb met veel mensen gepraat.

A: Hoeveel gasten zijn er gekomen?

B: Er zijn ongeveer 100 mensen gekomen.

A: Wat hebben jullie gegeten?

B: We hebben een lekkere maaltijd gegeten.

A: Heb je speciale kleren gekocht?

B: Ja, ik heb een nieuwe jurk gekocht.

A: Wat voor cadeau heb je gegeven?

B: Ik heb geld gegeven.

6

Werk samen. Praat samen. Gebruik de foto's.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

B is naar een bruiloft geweest.

A stelt de vraag.

B geeft antwoord en gebruikt de foto. 

 

A: Hoe ben je naar de bruiloft gegaan?

B: Ik ben ...

14.3.6.1 300

 

A: Wat heb je op het feest gedaan?

B: Ik heb ...

14.3.6.2 300

 

A: Wat hebben jullie gegeten?

B: We hebben ...

14.3.6.3 300

 

A: Heb je speciale kleren gekocht?

B: Ja, ik heb ...

14.3.6.4 300

 

A: Wat heb je voor cadeau gegeven?

B: Ik heb ...

14.3.6.5 300

7

Werk samen. Praat samen.

A begint.

Wissel daarna van rol.


A denkt aan een bruiloft van vroeger, bijvoorbeeld van familie of vrienden.

B stelt vijf vragen over de bruiloft.

A geeft antwoord.

8

Lees het bericht. Schrijf een reactie.

Je krijgt een bericht van een vriendin.

Beantwoord alle vragen. Geef advies.

Stuur naar je docent

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.