Draai je tablet om verder te gaan.

6 Met de trein of met de bus?

Mag ik u wat vragen?

1 Woorden oefenen

1

tekenen

rechtdoor

de route

het winkelcentrum

Opnieuw invullen

2

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Ik wil graag ... in het centrum.

... mij hou je niet van yoghurt, hè?

... , weet jij waar het zout is?

Waar gaan we nu ...?

Je ... eerst rechtdoor en dan ga je de derde straat rechtsaf.

Ze kent ... nieuwe woonplaats nog niet zo goed.

Bedankt voor de ... uitleg!

Ik ga ... naar het station en dan naar het centrum.

De straat is niet zo druk, ... ik.

Ben je vaak te laat op school? Dat is niet zo ... van je.

Ik eet niet gezond. Ik woon ... een snackbar!

Hoe laat kom je ...?

We doen opdrachten met het ...

13 van de 13 goed.
Opnieuw invullen

3

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De groenten staan in deze supermarkt niet rechts. Ze staan aan de linkerkant.

Meneer? Weet u de route naar de supermarkt?

Bij de tweede flat ga je naar links.

Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Je loopt hier eerst rechtdoor.

De kleine jongen tekent graag auto's en treinen.

Hij drinkt geen alcohol, geloof ik.

Opnieuw invullen

5

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Waarom neem je niet de eerste straat rechts?

Ik wil dit weekend graag winkelen in Amsterdam.

Ik ga om 10.00 uur naar school. Om 18.00 uur ga ik terug naar huis.

Opnieuw invullen

6

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Een moment, alstublieft. U moet eerst het formulier invullen.

Mam, weet je waar de kaas is?

Haar vader is een beetje vervelend.

Opnieuw invullen

7

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Waar wil je straks naartoe?

Volgens mij moeten we terug naar huis.

Tegenover ons huis staat een grote flat.

Opnieuw invullen

8

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Kun je me uitleggen waar je woont?

Dat moet je niet doen. Dat vind ik niet slim van je.

Wat een drukke straat! Kunnen we hier linksaf gaan?

Opnieuw invullen

9

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De Albert Heijn zit aan de rechterkant, naast de Etos.

Ga rechtdoor tot de supermarkt en dan linksaf.

De man begrijpt de uitleg van de dokter niet.

Opnieuw invullen

10

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De bus gaat hier rechtdoor en niet rechtsaf.

Het meisje schrijft de antwoorden op haar werkblad.

De verkoper is heel vriendelijk. Hij spreekt ook heel duidelijk.

Opnieuw invullen

11

Wat hoort bij elkaar?

links

rechts

winkelen

winkelcentrum

linkerkant

rechterkant

de uitleg

uitleggen

linksaf

rechtsaf

Opnieuw invullen

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.