Draai je tablet om verder te gaan.

6 Met de trein of met de bus?

We moeten in Utrecht overstappen

1 Woorden oefenen

1

Lees de woorden.

Kijk naar de plaatjes.

Zet de woorden bij de goede plaatjes.

het station

de tas

het spoor

de intercity

Opnieuw invullen

2

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Hoe laat ... de trein aan?

Ik ga met ... naar school.

... voor je hulp.

De trein vertrekt van Rotterdam ...

Waar gaat deze trein ... ?

Reis je weleens met de ... ?

Het is belangrijk om de reis goed te ...

Wat neem je mee op ... ?

Ik hou van ... 

Murat wil naar Rotterdam. Hij vraagt: Wat is de ... ?

In welke ... gaat deze metro?

Weer te laat! Ik vind ... erg vervelend.

Ik vind overstappen niet fijn. Ik wil graag een directe ...

13 van de 13 goed.
Opnieuw invullen

3

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De trein heeft 30 minuten vertraging.

Mijn telefoon zit in mijn tas.

Waar ga je heen?

Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik moet snel weg. Ik neem de volgende bus.

Bij Amsterdam Centraal kun je overstappen.

Ik kom te laat want mijn bus heeft 15 minuten vertraging.

Opnieuw invullen

5

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De bus vertrekt vlakbij onze school.

Ik kan de markt niet vinden.

Peter plant zijn vakantie in april.

Opnieuw invullen

6

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Deze trein gaat direct naar Parijs.

Hij stopt niet op het volgende station.

Veel metro's hebben vertraging.

Opnieuw invullen

7

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De reis van mijn huis naar Amsterdam is lang.

Ik woon dichtbij het station. Ik ga vaak met de trein.

Aan de rechterkant staat een intercity en aan de linkerkant een sprinter.

Opnieuw invullen

8

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Op internet vind je het vertrek en de aankomst van alle bussen en treinen.

Ik woon vlakbij mijn werk en heb dus heel weinig reistijd.

Han ontmoet zijn vrienden op Utrecht Centraal.

Opnieuw invullen

9

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Op welk spoor vertrekt de trein naar Eindhoven?

In welke richting is het centrum van de stad?

Mijn trein heeft elke dag vertraging.

Opnieuw invullen

10

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Hoe laat kom je op je werk aan?

Waar stap je over op bus 137?

Waar vertrekt de metro naar Centraal Station?

Opnieuw invullen

11

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Bedankt voor het zoeken!

Weet jij meer over de aankomst en het vertrek van de intercity's?

Hij reist ieder jaar naar Brazilië.

Opnieuw invullen

12

Wat hoort bij elkaar?

de aankomst

het vertrek

vinden

zoeken

de sprinter

de intercity

een directe verbinding

overstappen

de bus

de metro

Opnieuw invullen

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.