Lees de woorden.
Kijk naar de plaatjes.
Zet de woorden bij de goede plaatjes.
de meter
de meterkast
de rekening
de meterstand
de molen
de stekker
de windmolen
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.
Ik wil de deur openmaken. Eerst ... ik de sleutel in het slot.
plak
steek
U kunt het bedrag ook in ... betalen: elke maand een beetje.
pakjes
termijnen
Samuel heeft plannen voor de ...: hij wil Nederlands leren en een baan vinden.
toekomst
toestemming
Mijn jas is helemaal nat van de regen. Hij moet eerst ...
dragen.
drogen.
Nuon en Essent zijn ... van energie.
agenten
leveranciers
Alvin, je moet ... komen. Nu!
ondertussen
onmiddellijk
Nafisa werkt 4 dagen per week bij een leuk ...
bedrag.
bedrijf.
Een nieuwe taal leren gaat niet ... Het kost veel tijd.
vanzelf.
zelf.
Hé, het internet doet het niet. Misschien is er een ...
sluiting.
storing.
Mijn broer komt niet vaak bij me op bezoek. Ik zie hem ...
zelden.
zomaar.
We gebruiken geen ..., want we hebben een elektrisch fornuis.
gas
kast
Ze kan nu nog niet kiezen. Ze wil eerst ...
nadenken.
ophalen.
Sommige dorpen in mijn land hebben geen water en ...
activiteit.
elektriciteit.
De winkel ... de meubels volgende week bij ons thuis.
leent
levert
Dit huis gebruikt ... Dat is goedkoper en goed voor de omgeving.
stopcontacten.
zonne-energie.
Het ... van alcohol is verboden voor kinderen.
gebruik
geluid
Sleep het goede woord in de zin.
De natte kleren hangen buiten. Daar drogen ze sneller.
In de folder lees je informatie over het gebruik van deze medicijnen.
Die vieze kleren moet je snel wassen.
Yalda denkt nu nog niet aan de toekomst. Dat komt later.
Zonder stroom kun je geen tv kijken.
Deze winkel heeft verschillende typen computers.
Het is geen lekker weer vandaag: veel wind en regen.
Is het fornuis uit? Ik ruik gas!
Windmolens zijn groot en zorgen voor goedkope energie.
Oude mensen hebben vaak last van de warmte. Ze moeten veel drinken.
U kunt nu helaas niet pinnen, want er is een storing.
De winkel krijgt de producten van de leverancier.
Masoud kijkt zelden tv. Hij vindt het niet zo interessant.
U hoeft de deur niet dicht te doen. Hij gaat vanzelf dicht.
Je moet onmiddellijk betalen. Je bent al een week te laat!
Wat hoort bij elkaar?
de warmte
de zomer
de wind
de zon
de zonne-energie
het werk
het bedrijf
het stopcontact
energie
leveren
noteren
kleren
wassen
betalen
zelden
bijna nooit
meteen
de stroom
de electriciteit
het type
de soort
Mijn laptop is bijna leeg.
Ik steek de stekker in het stopcontact.
Ik heb een probleem.
Ik moet nadenken.
Ik heb nu niet genoeg geld.
Ik betaal in termijnen.
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.