Draai je tablet om verder te gaan.

13 Gas, water en elektriciteit

Hebben we een waterkoker nodig?

1 Woorden oefenen

1

Lees de woorden.

Kijk naar de plaatjes.

Zet de woorden bij de juiste plaatjes.

de vriezer

de frituurpan

de friet

Opnieuw invullen

2

Lees de woorden.
Kijk naar de plaatjes.
Zet de woorden bij de goede plaatjes.

het strijkijzer

de waterkoker

de mixer

Opnieuw invullen

3

Lees de woorden.
Kijk naar de plaatjes.
Zet de woorden bij de goede plaatjes.

de haardroger

het scheerapparaat

de wasdroger

Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Ik heb niet veel ... in mijn keuken, alleen een koelkast en een oven.

Yannis gebruikt deze website vaak. Hij vindt hem heel ...

Er zijn niet veel volwassenen op het feest. Er zijn ... kinderen.

Wil je het eten lang bewaren? Dan kun je het ...

Hij is bijna altijd blij. Hij geniet echt van het ...

De kleren zijn eindelijk droog. Nu ga ik ze ...

We betalen veel geld voor ... Maar thuis is het wel altijd lekker warm.

Een stofzuiger is een ... apparaat. Hij werkt niet zonder stopcontact.

Sumana heeft een tafel gekocht voor 50 euro. Dat is een goede ...

Die lamp is al een week kapot. Wanneer ga je hem ...?

Mijn kleren zijn schoon, maar nog echt niet mooi. Ik heb een ... nodig.

11 van de 11 goed.
Opnieuw invullen

5

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De koelkast is altijd aan. Hij gebruikt veel energie.

Ik heb een elektrische tandenborstel. Dat is handig en snel.

Wasmachines en koelkasten zijn apparaten voor thuis.

Opnieuw invullen

6

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Wat een prachtige jas! Is hij nieuw?

Doe niet zo flauw. Dat vind ik niet leuk van je.

Ik doe dit weekend niet veel. Ik ga vooral tv kijken.

Opnieuw invullen

7

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ilona is 30 jaar. Ze heeft haar hele leven in Nederland gewoond.

Mijn laatste aankoop was een kast. Die heb ik bij Ikea gekocht.

Tweedehands spullen zoeken we op Marktplaats. Daar zijn ze goedkoop.

Opnieuw invullen

8

Wat hoort bij elkaar?

kleren

strijken

eten

invriezen

Opnieuw invullen

9

Wat hoort bij elkaar?

heel mooi

prachtig

handig

nuttig

niet leuk

flauw

patat 

friet

Opnieuw invullen

10

Wat hoort bij elkaar?

Ik wil patat bakken.

Ik heb een frituurpan nodig.

Mijn haar is nat.

Ik heb een haardroger nodig.

Ik wil thee zetten.

Ik heb een waterkoker nodig.

Mijn tv is al oud.

Ik wil hem vervangen.

Ik wil ijs bewaren.

Ik heb een vriezer nodig.

Opnieuw invullen

11

Wat hoort bij elkaar?

Ik wil een tweedehands fiets kopen.

Ik kijk op Marktplaats.

De kleren zijn helemaal nat.

Ik heb een wasdroger nodig.

Ik wil een cake bakken.

Ik heb een mixer nodig.

Ik heb veel haar op mijn gezicht.

Ik heb een scheerapparaat nodig.

Opnieuw invullen

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.