Draai je tablet om verder te gaan.

9 Is dat wel veilig?

Ik zie een inbreker!

1 Routines oefenen

1

Luister naar de zin.

Lees de zin.

Kies het goede antwoord.

Ik heb ... het lawaai.

Goedemorgen, ik wil een probleem in mijn buurt ...

Mijn broer werkt ... een basisschool.

Elke morgen ... ik mijn buurvrouw.

Zij praat ... haar docent.

Wat doe je ...?

Dan moet u ... bellen.

De docent ... aan elke cursist.

0 van de 8 goed.
Kijk na

2

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Ik heb het koud, dus ik doe het raam dicht.

Hou je van sport? Dan moet je zeker komen!

We hebben last van de hond van de buren. Hij blaft altijd.

Kijk na

3

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De politie zorgt voor minder criminaliteit.

Ze wandelt elke dag met haar hond door het park.

Ik doe mijn fiets altijd op slot.

Kijk na

4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Alicia speelt met de baby. Ze geeft hem aandacht.

We hebben last van brommers in onze straat.

Ze belt de politie, want ze wil een diefstal melden.

Kijk na

5

Wat hoort bij elkaar?

Yusra werkt

op een school.

De kinderen lopen

door de buurt.

Hani praat vaak

met de buren.

Kijk na

6

Wat hoort bij elkaar?

Ik zie mijn buurman.

Ik groet hem.

Ik ben klaar met lezen.

Ik doe het boek dicht.

Ik ga naar buiten.

Ik doe de deur op slot.

Kijk na

7

Luister naar de zin.

Lees de zin.

Kies de goede reactie.

Wat doe je precies?

Gaat u op vakantie?

Wat doet een agent?

Staat je fiets buiten?

0 van de 4 goed.
Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.