Luister naar de situatie. Beantwoord de vraag.
Martin verdient 2.700 euro bruto per maand. Zijn nettoloon is bijna 500 euro minder. Martin is boos. Hij zegt tegen zijn vriend: ‘Ik vind het belachelijk dat ik 500 euro aan de overheid moet betalen.’ Wat kan zijn vriend zeggen?
Als je een eigen bedrijf begint, hoef je geen belasting meer te betalen.
Je kunt bij je belastingaangifte ook melden dat je minder wilt betalen.
Met de belasting betaalt de overheid belangrijke dingen voor alle inwoners.
Karim heeft in Nederland een ict-opleiding gevolgd. Hij heeft een diploma gehaald. Nu zoekt hij een baan in de ict-sector. Wat kan Karim het beste doen?
Hij kan aan zijn docent vragen waar hij kan werken.
Hij kan een afspraak met de gemeente maken.
Hij kan op internet naar vacatures zoeken.
Michelle ziet op internet een interessante vacature voor monteur. Ze wil solliciteren. Wat doet ze eerst?
Ze belt naar het bedrijf en ze maakt een afspraak.
Ze gaat naar het bedrijf toe en geeft haar cv.
Ze stuurt een sollicitatiebrief en cv naar het bedrijf.
Sara werkt al vijf jaar in een schoenenwinkel. Het gaat niet goed met de winkel. De winkel moet binnenkort sluiten. Sara heeft dan geen werk meer. Ze is bang dat ze straks geen inkomen heeft. Wat moet Sara doen?
Ze moet een motivatiebrief naar de gemeente sturen.
Ze moet een uitkering bij de Sociale verzekeringsbank aanvragen.
Ze moet op de website van het UWV een WW-uitkering aanvragen.
Metin is een eigen bedrijf gestart. Hij heeft zijn bedrijf ingeschreven bij de Kamer van Koophandel. Zijn vriend vraagt: ‘Wat doet de Kamer van Koophandel eigenlijk?’ Wat kan Metin het beste zeggen?
De Kamer van Koophandel adviseert me over het starten van een bedrijf.
De Kamer van Koophandel maakt een ondernemingsplan voor mijn bedrijf.
De Kamer van Koophandel zoekt nieuwe klanten voor mijn bedrijf.
Yunus werkt als oproepkracht op de luchthaven. Wat betekent dit voor hem?
Hij hoeft geen belasting en sociale premies te betalen.
Hij verdient iedere maand een vast bedrag.
Hij weet nooit hoeveel geld hij per maand verdient.
Latifa woont één maand in Nederland. Ze spreekt nog geen Nederlands. Ze vraagt bij de gemeente een bijstandsuitkering aan. Welke informatie krijgt Latifa van de gemeente?
Ze krijgt de uitkering en ze moet verplicht een taalcursus volgen.
Ze krijgt de uitkering en ze moet werk zoeken in haar eigen taal.
Ze krijgt geen uitkering, want ze moet eerst Nederlands leren.
Lucien zoekt werk. Hij heeft een afspraak bij het UWV. De medewerker zegt dat Lucien moet proberen om via zijn netwerk een baan te vinden. Hoe kan Lucien dat doen?
Hij kan op internet naar een vacature zoeken.
Hij kan op sociale media schrijven dat hij werk zoekt.
Hij kan zich bij het uitzendbureau inschrijven.
Shabnam heeft in Iran een opleiding voor apothekersassistent gevolgd. Ze wil in Nederland ook in een apotheek werken. Wat kan Shabnam doen?
Ze kan solliciteren voor een baan als apothekersassistent.
Ze moet controleren of haar diploma in Nederland geldig is.
Ze moet een opleiding voor apothekersassistent volgen.
Martin ziet een interessante vacature voor assistent in een laboratorium. Hij wil dit werk heel graag doen. Hoe kan hij laten weten dat hij enthousiast is?
Dat schrijft hij in zijn sollicitatiebrief.
Dat schrijft hij op zijn cv.
Dat zegt hij tijdens een telefoongesprek.
Mario werkt bij een bouwbedrijf. Om dit werk te doen, moet Mario de veiligheidsregels goed kennen. Daarom moet hij van zijn werkgever een bijscholing volgen. Wat doet Mario?
Hij stopt met zijn werk en hij gaat een opleiding volgen.
Hij volgt een verplichte cursus die zijn werkgever betaalt.
Hij volgt in het weekend een cursus en hij betaalt de cursus zelf.
Shanty heeft een idee voor een eigen bedrijf. Ze maakt een ondernemingsplan. Haar buurvrouw vraagt: ‘Waarom heb je dat nodig?’ Wat kan Shanty het beste antwoorden?
om een lening bij de bank aan te vragen
om lid te worden van een beroepsvereniging
om mijn bedrijf bij KVK in te schrijven
Rana komt uit Syrië. Ze werkt in de kinderopvang. Haar collega is niet vriendelijk tegen haar. Als Rana een fout maakt, wordt haar collega heel boos. Als iemand anders een fout maakt, wordt de collega niet boos. Wat kan Rana het beste doen?
Rana moet boos op haar collega worden.
Rana moet het probleem melden bij haar leidinggevende.
Rana moet in de toekomst minder fouten maken.
Marek heeft een nieuwe baan bij een bouwbedrijf. Hij moet met één collega samenwerken. Zijn collega verdeelt het werk niet eerlijk. Marek moet meer werk doen dan zijn collega. Hoe kan Marek het beste doen?
Hij kan met de collega over zijn gedrag praten.
Hij kan met de vakbond contact opnemen.
Hij moet meer werk doen, want hij is nieuw.
Oleg solliciteert naar een baan als zwemleraar in een zwembad. Hij schrijft een cv. Welke informatie staat er op het cv?
Dat Oleg een diploma voor zwemleraar heeft.
Dat Oleg motivatie heeft om te werken.
Wanneer Oleg kan beginnen met werken.
Gary werkt bij een metaalbedrijf. Soms veranderen er dingen op het werk die Gary niet goed vindt. Hij wil meer invloed hebben op de beslissingen in het bedrijf. Wat kan Gary het beste doen?
Hij kan contact opnemen met een vakbond.
Hij kan een brief schrijven aan het bedrijf.
Hij kan lid van de ondernemingsraad worden.
Yara heeft een nieuwe baan. In haar arbeidsovereenkomst staat dat ze 2.000 euro bruto per maand verdient. Na haar eerste maand krijgt ze op haar bankrekening 1.815 euro. Klopt dat?
Ja, want Yara krijgt in haar eerste maand minder salaris.
Ja, want Yara moet ook belasting en sociale premies betalen.
Nee, want het bedrag van 2.000 euro staat in de arbeidsovereenkomst.
Shadi heeft een afspraak bij het uitzendbureau. Ze wil zich bij het uitzendbureau inschrijven. Wat doet het uitzendbureau voor Shadi?
Het uitzendbureau helpt haar om tijdelijk werk te vinden.
Het uitzendbureau kan haar diploma waarderen.
Via het uitzendbureau kan ze vrijwilligerswerk doen.
Selim krijgt een bijstandsuitkering. Zijn buurman heeft een bouwbedrijf. De buurman vraagt of Selim twee dagen per week bij het bouwbedrijf wil werken. Wat doet Selim?
Hij accepteert het werk en hij meldt bij de gemeente dat hij werkt.
Hij accepteert het werk, maar de buurman moet hem contant betalen.
Hij weigert het werk, want hij mag niet werken naast zijn uitkering.
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.