Draai je tablet om verder te gaan.

3 Gezondheid

Kinderen en gezin

1 Woorden oefenen

1

Lees de zin. Kies het goede antwoord.

Celia krijgt binnenkort een baby. Ze is al acht maanden ___.

Julan krijgt een strenge ___. Zijn ouders hebben veel regels thuis. 

Ik heb mijn tante al tien jaar niet gezien, maar ik ___ haar gezicht meteen.

De docent ___ de kinderen bij het maken van huiswerk.

Je moet niet stoppen met studeren. Je moet gewoon ___.

Volgende week is er een bijeenkomst van de gemeente. Alle bewoners krijgen een ___.

0 van de 6 goed.
Kijk na

2

Sleep het goede woord in de zin.

Nellie heeft geen partner. Ze moet haar drie kinderen alleen opvoeden.

Ik moet nieuwe kleren voor mijn kinderen kopen, want ze groeien heel snel.

Volgend jaar gaan we trouwen. We willen honderd gasten voor het feest uitnodigen.

Ik weet niet zeker of de deur op slot zit. Ik zal het even controleren.

Volgende week heeft Simon een afspraak met de dokter. Hij moet die afspraak in zijn agenda noteren.

Gisteren is onze dochter geboren. De bevalling ging snel en de baby is gezond. 

Een zwangerschap duurt meestal negen maanden.

Max heeft al twee weken koorts. De dokter weet niet wat de oorzaak van zijn ziekte is.

Mijn opa kan niet meer lopen. Hij heeft veel zorg nodig.

Mijn kinderen spelen veel buiten met andere kinderen. Dat is goed voor hun ontwikkeling.

0 van de 2 goed.
Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.