Draai je tablet om verder te gaan.

10 Wat koop je?

Ik zoek een stofzuiger

1 Verstaan en nazeggen

1

Luister naar de zin.
Wat hoor je?

0 van de 5 goed.
Kijk na

2

Luister naar de zin.
Wat hoor je?

0 van de 5 goed.
Kijk na

3

Luister naar de zin.
Welk woord hoor je?

0 van de 6 goed.
Kijk na

4

Luister naar de zin.
Welk woord hoor je?

0 van de 5 goed.
Kijk na

5

Hoeveel woorden hoor je?

0 van de 3 goed.
Kijk na

6

Luister naar de zin en zeg na.

Zeg Kim, ik zoek een stofzuiger.
Maar hij moet wel goed zijn.
Wat zal ik doen?
Hoe doe je dat dan?
Je kunt de verschillen tussen de merken zien.
Ik doe dat eigenlijk nooit.
Maar ik koop een stofzuiger toch liever in de winkel.
En ik kan dan ook nog advies krijgen.
Hé, ga je met me mee?
Ik kan nu eindelijk een tv kopen.  
Ik heb wat geld geleend van mijn neef.
Wat ben je van plan?
Meer heb ik niet.
Is dat voldoende?
Dat is onmogelijk.
Je kunt daar een hele goede kopen voor dat geld.
Misschien zelfs twee.
Kom op!
We gaan nu meteen. 

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.