Draai je tablet om verder te gaan.

7 Naar de dokter?

Kan het ook vandaag?

1 Routines oefenen

1

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

Wilt u de assistente spreken? Blijf ...

Haya heeft een nieuw huis. Ze wil ... verhuizen.

Ik ben bij de dokter. Ik vertel over mijn ...

Sorry, ik kan niet. Ik wil de afspraak ...

'Met mevrouw Merk. Ik wil graag een afspraak ...'

'U kunt vandaag niet naar het spreekuur komen. Alles zit ...'

Felix woont al ... vijf jaar in Nederland.

Ik begrijp het briefje niet. Ik lees het ...

8 van de 8 goed.
Opnieuw invullen

2

Lees de zin.
Sleep het goede woord in de zin.

De dokter vraagt: 'Wat is uw klacht?'
Dag meneer, fijne dag en tot ziens!
Wilt u betalen, mevrouw? Dat kan!

Opnieuw invullen

3

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De verkoper vraagt: 'Wat kan ik voor u doen?'
Ik neem medicijnen, maar de pijn gaat niet over.
Vandaag is er geen plek. Alles zit vol.

Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

De zin is niet goed. Ik schrijf de zin nog een keer.
Het spijt me. Ik kan u niet helpen.
Mijn vriendin is vijf minuten te laat. Ik zeg: 'Geen probleem!'

Opnieuw invullen

5

Wat hoort bij elkaar?

Wat kan ik voor u 

doen?

Ze wil graag een afspraak

maken.

Kun je dinsdag om 9.30 uur

komen?

Opnieuw invullen

6

Wat hoort bij elkaar?

De pijn

gaat niet over.

Ernest wil de afspraak

verzetten.

We kunnen morgen

niet komen.

Opnieuw invullen

7

Wat hoort bij elkaar?

Ik bel mijn vriendin.

Ik zeg: 'Hallo, met Anna'.

Ik ga naar huis.

Ik zeg: 'Tot ziens'.

Ik kom te laat op school.

Ik zeg: 'Het spijt me'.

Ik ga slapen.

Ik zeg: 'Tot morgen'.

Opnieuw invullen

8

Wat hoort bij elkaar?

Ik kan vandaag niet.

Ik moet naar school.

Ik blijf aan de lijn.

Ik moet wachten.

Ik heb keelpijn.

Ik drink thee en water.

Opnieuw invullen

9

Wat hoort bij elkaar?

Khaled is heel moe.

Hij wil zo snel mogelijk slapen.

Olga heeft al een week pijn.

Het gaat niet over.

Mirza gaat naar de dokter.

Hij heeft een klacht.

Opnieuw invullen

10

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies de goede reactie.

Kun je me vanmiddag helpen?

U spreekt met de huisartsenpost Zaandam.

Kan ik hier pinnen?

Wat is het probleem?

Hoelang heeft u oorpijn?

Ik heb nu geen tijd. Ik bel je vanavond.

Vandaag kan ik niet.

Dag, ik zie jullie morgen.

8 van de 8 goed.
Opnieuw invullen

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.