Draai je tablet om verder te gaan.

6 Instanties

Verzekeren en schade

1 Opdrachten

1

Kies het goede antwoord. Gebruik de informatie uit de video.

Doris heeft een zorgverzekering afgesloten. ___ moet ze betalen.

Doris krijgt een rekening van het ziekenhuis. Ze declareert de kosten ___.

Doris krijgt medicijnen van de huisarts. Die moet ze zelf betalen, want ___.

Doris wil een vergoeding voor de kosten voor de tandarts. Ze moet dan ___.

0 van de 4 goed.
Kijk na

2

Kies het goede antwoord. Gebruik de informatie uit de video.

Je hebt schade aan je huis door brand. Een opstalverzekering vergoedt deze schade.

Jan rijdt met zijn auto tegen de fiets van zijn buurman. De fiets heeft schade. Jan is aansprakelijk voor de schade.

Katja's hond heeft de jas van haar collega kapotgemaakt. De inboedelverzekering vergoedt de schade.

Het bed, de kledingkast en de eettafel horen bij de inboedel van een huis.

0 van de 4 goed.
Kijk na

3

Kies het goede antwoord. Gebruik de informatie uit de video.

Een aansprakelijkheidsverzekering vergoedt ___.

Jayden is op vakantie. Zijn dure zonnebril is gevallen en is nu kapot. Hij kan de schade declareren ___.

Almaz heeft waterschade in de woonkamer. Ze weet niet of deze schade vergoed wordt door de verzekering. Ze zoekt dit op in haar ___.

De gouden ring van Li Ning is gestolen op vakantie. ___.

0 van de 4 goed.
Kijk na

4

Lees de situaties. Sleep de goede woorden in de zin. Gebruik de informatie uit de tekst.

Welke verzekering vergoedt deze kosten?

Igor is ziek geweest. Hij heeft twee weken in het ziekenhuis gelegen. Zijn zorgverzekering betaalt de kosten.

Er was gisteren veel wind. Toen viel er een boom tegen het huis van Saskia. Nu is het dak kapot. Haar woonhuisverzekering vergoedt de schade.

Kumar was op vakantie Oostenrijk. Daar is zijn telefoon gestolen. Hij heeft een nieuwe telefoon nodig. Gelukkig heeft hij een reisverzekering.

Haruka is bij een stoplicht tegen een andere auto gebotst. Beide auto's zijn beschadigd. Zijn autoverzekering betaalt de schade.

Lionel had brand in zijn appartement. De bank en het tapijt zijn beschadigd. Hij moet een nieuwe bank kopen. De inboedelverzekering betaalt de kosten terug.

Mark heeft een dochter van acht jaar. Zij heeft met voetballen het raam van de buurman kapotgemaakt. Gelukkig heeft Mark een aansprakelijkheidsverzekering.

 

Kijk na

5

Lees de situaties. Kies het goede antwoord. Gebruik de informatie uit de tekst.

Salwa wordt volgende week 18 jaar. Ze moet nu een zorgverzekering afsluiten.

Nigel heeft gisteren een nieuwe auto gekocht. Hij moet een autoverzekering afsluiten.

Jennifer gaat volgende week op reis naar Australië. Ze moet een reisverzekering afsluiten.

Sara heeft gisteren een nieuwe televisie gekocht. Ze moet nu een nieuwe inboedelverzekering afsluiten.

Pim en Lieke hebben een huis gekocht. Ze moeten een woonhuisverzekering afsluiten.

Leila en Tim krijgen een baby. Ze moeten een aansprakelijkheidsverzekering voor hun kind afsluiten.

0 van de 6 goed.
Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.