Draai je tablet om verder te gaan.

6 Instanties

Verzekeren en schade

1 Woorden oefenen

1

Wat hoort bij elkaar?

de fysiotherapeut

de laptop

de meubels

de hond

de brand

Kijk na

2

Lees de zin. Kies het goede antwoord.

Zijn vriendin komt vanmiddag op bezoek. Hij ___ haar om half 3.

Mijn wasmachine werkt niet meer. Gelukkig kan mijn buurman hem ___.

We gaan niet met de auto naar het centrum, want we kunnen de auto daar niet ___.

We hebben ___ met elkaar gesproken. Ik weet nu echt alles van hem.

Ik ga niet meer naar de sportschool. De ___ voor een abonnement vind ik te hoog.

Nederlands is een ___ vak op de middelbare school. Alle leerlingen moeten het volgen.

Het is ___ om gezond te eten en veel te bewegen. 

Ik heb de brief ___ naar een verkeerd adres gestuurd. Wat dom van me!  

Shatilla heeft een bank en een tafel gekocht. Deze ___ worden morgen bezorgd.

De koffiepauze op mijn werk is elke dag om half 11. Dat is een ___ tijd.

Mariël gaat naar de dokter. Ze hoeft niet te betalen, want ze heeft een ___.

0 van de 11 goed.
Kijk na

3

Wat hoort bij elkaar?

Zijn laptop is beschadigd.

Hij doet het niet meer. 

Kees kan alles repareren.

Hij is heel handig.

Kefah is gevallen.

Hij moet met spoed naar het ziekenhuis.

Nourredin werkt hier al vier jaar.

Hij heeft een vast contract.

We hebben een rustige hond.

Hij blaft nooit.

De auto van Daniel is gestolen.

Hij is gelukkig verzekerd tegen diefstal.

Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.