Draai je tablet om verder te gaan.

3 Hoe gaat het?

Nasılsın?

Slot

Son alıştırma

Alıştırmayı öğretmenle birlikte yap.

Slotopdracht

Doe de opdracht met de docent.

Praktijkopdracht

 

1 Maak een praatje.

Praat Nederlands met iemand. Vraag: hoe gaat het?

2 Nodig iemand uit.

Praat Nederlands. Nodig iemand uit. Zeg de dag en de tijd.

 

Bedenk eerst:

  • Met wie praat je?
  • Wanneer praat je?
  • Wat zeg je?

Vul in. Wat kun je?



    Foutje!

    Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.