Luister naar de situatie. Beantwoord de vraag.
Wahid gaat koffie drinken met zijn Nederlandse taalcoach. Hij wil weten of hij een cadeau voor zijn taalcoach moet meenemen. Wat kan Wahid het beste doen?
Hij koopt een duur cadeau voor zijn taalcoach.
Hij vraagt advies aan een vriend die in Nederland woont.
Hij zoekt de informatie op internet op.
Adila heeft een taalmaatje. Adila wil haar taalmaatje uitnodigen om te komen eten. Wat kan ze het beste doen?
Ze stuurt een kaart met een datum en een tijd.
Ze vraagt: Kom je bij me eten? Wanneer kun je?
Ze wacht tot haar taalmaatje vraagt: kan ik bij je eten?
Ayaan zit op de middelbare school. Ze doet bijna eindexamen voor het vwo. Haar docent vraagt: ‘Wat wil je studeren?’ Ayaan zegt: ‘Ik wil graag arts worden, maar mijn ouders willen dat ik docent op een basisschool word.’ Wat kan haar docent het beste zeggen?
Je kunt beter docent worden, want arts is een beroep voor mannen.
Je mag zelf je studie kiezen, dus je kunt ook proberen om arts te worden.
Je ouders bepalen welke studie je doet, dus je kunt beter docent worden.
Peter heeft een relatie met een man. Een collega van Peter vraagt: ‘Willen je vriend en jij ook trouwen?’ Wat kan Peter het beste zeggen?
In Nederland mogen twee mannen niet met elkaar trouwen.
We willen in de toekomst misschien trouwen.
We willen samenwonen. Daarom moeten we eerst trouwen.
Nouran is moslima. Ze draagt een hoofddoek. Ze heeft een nieuwe baan op een kantoor. Haar werkgever zegt: ‘Als je hier wilt werken, kun je geen hoofddoek dragen’. Wat kan Nouran het beste zeggen?
Dat begrijp ik, ik zal geen hoofddoek meer dragen.
Ik heb de vrijheid om mijn eigen kleding te kiezen.
O, wat jammer. Dan ga ik ergens anders werken.
Reem heeft een afspraak bij de gemeente. Ze voelt zich niet goed en ze wil liever thuisblijven. Wat kan ze het beste doen?
Ze belt de gemeente en ze zegt: ‘sorry, ik kan niet komen’.
Ze belt de volgende dag en ze zegt: ‘sorry dat ik niet kwam’.
Ze blijft thuis en ze belt niet naar de gemeente.
Het is 5 mei. Joris en Anna lopen op straat. Ze zien veel vlaggen op straat. Joris vraagt aan Anna: ‘Waarom hangen mensen de vlag buiten?’ Wat kan Anna het beste zeggen?
Vandaag is de verjaardag van koning Willem-Alexander.
Vandaag vieren we het begin van de lente.
Vandaag vieren we het einde van de Tweede Wereldoorlog.
Het is vrijdag 25 december. De buurman van Sara gaat naar de kerk. Sara vraagt aan de buurman: ‘Waarom gaat u vandaag naar de kerk, het is toch geen zondag?’ Wat kan de buurman het beste zeggen?
Vandaag denken christelijke mensen aan de dood van Jezus.
Vandaag denken we in de kerk aan de slachtoffers van de oorlog.
Vandaag vieren christelijke mensen de geboorte van Jezus.
Saeed volgt een cursus Nederlands. Hij wil graag meer oefenen met spreken. Zijn docent zegt: ‘misschien kun je lid van een vereniging worden’. Waarom kan Saeed dat doen?
Omdat een vereniging ook taallessen geeft.
Omdat hij bij een vereniging contact kan maken.
Omdat hij bij een vereniging kan werken.
Het is maart. Shirin is op haar werk. Haar collega vraagt wat ze in het weekend doet. Shirin zegt: ‘Mijn familie viert dit weekend nieuwjaar’. Hoe kan haar collega reageren?
Nieuwjaar in maart? Dan kan niet hoor, het nieuwe jaar begint in januari.
O, wat leuk, dan moet je oliebollen eten en champagne drinken.
Waarom vieren jullie nieuwjaar in maart? Dat klinkt interessant.
De dochter van Hasan is lid van een voetbalvereniging. Op zaterdag heeft het team een wedstrijd in een andere plaats. De vereniging vraagt of Hasan zijn dochter en drie andere kinderen met de auto naar de voetbalwedstrijd kan brengen. Waarom vraagt de voetbalvereniging dit aan Hasan?
Omdat de dochter van Hasan nieuw bij de vereniging is.
Omdat de ouders ook meehelpen bij de vereniging.
Omdat Hasan de contributie niet heeft betaald.
Lania krijgt een bericht van haar manager. De manager schrijft: ‘Ik ben deze week afwezig, want mijn partner is overleden’. Wat kan Lania het beste doen?
Ze stopt met werken en ze gaat naar het huis van de manager.
Ze stuurt een bericht of een kaart naar de manager.
Ze stuurt geen reactie naar haar manager.
Nouran gaat bij haar buren eten. De buurman vraagt of Nouran wijn wil drinken, maar Nouran zegt: ‘ik drink geen alcohol’. Wat kan de buurman het beste zeggen?
Drink je geen alcohol? Wat saai!
In wijn zit niet zo veel alcohol, dus je kunt het gewoon drinken.
O, dat wist ik niet. Wil je iets anders drinken?
Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.