Draai je tablet om verder te gaan.

20 Wat is alles duur ...

Kan ik in termijnen betalen?

1 Doe de taak

Bellen over een regeling om te betalen

1

Luister naar de tekst en lees mee.

 

We kunnen iedereen helpen
Myriam werkt bij de radio.
Ze interviewt Titia.

Myriam

Vandaag praat ik met Titia. Titia werkt bij het financiële spreekuur in Lelystad. Ze adviseert bij financiële problemen. 
Vertel eens, Titia, hebben jullie het druk?

Titia

Ja, ontzettend druk. We zitten in een klein gebouwtje en dat is iedere dag stampvol. Ik denk dat we per dag wel twintig mensen aan de balie hebben.

Myriam

En doe je dat werk dan in je eentje?

Titia

Dat varieert. Soms ben ik alleen en soms zijn we met z'n tweeën. 

Myriam

En met wat voor problemen komen de mensen bij jullie?

Titia

Dat is heel divers. Dat kan een klein probleem zijn, maar ook een groot probleem.

Myriam

Noem eens iets?

Titia

Nou, iemand kan een keertje een rekening niet betalen, dat is een klein probleem. Dan kun je uitstel van betaling aanvragen; dan kun je later betalen. Dat is niet zo ingewikkeld.
Maar het gebeurt ook dat iemand schulden heeft en zijn rekeningen helemaal niet meer kan betalen. Sommige mensen maken dan zelfs hun post niet meer open. Ze zijn bang voor weer een nieuwe rekening. En dan groeien de schulden steeds verder. En dan hebben ze een serieus probleem.

Myriam

En wat gebeurt er dan?

Titia

Dat varieert ook. Maar we kunnen iedereen helpen. We helpen bijvoorbeeld ook, als iemand een brief van een instantie niet begrijpt. Of als iemand wil weten hoe hij financiële steun kan krijgen.

Myriam

Duidelijk. En wat kost een advies?

Titia

Helemaal niets. En je hoeft ook van tevoren geen afspraak te maken. Je kunt gewoon bij ons binnenlopen.

2

Werk samen. Praat over de vragen. Gebruik opdracht 1.

  1. Wat voor werk doet de vrouw?
  2. Wat is een voorbeeld van een klein probleem met geld?
  3. Wat is een voorbeeld van een groot probleem met geld?
  4. Hoe kunnen mensen met geldproblemen advies krijgen?

3

Werk samen. Luister naar de gesprekken. Lees de zinnen hardop.

A begint.
Wissel daarna van rol.
 

A werkt bij de klantenservice van een bedrijf.

B heeft een rekening, maar hij kan niet betalen.

Een regeling vragen om te betalen

A:  Met de klantenservice, hoe kan ik u helpen?

B:  Goedemiddag, met Jasper Grootveld.

      Ik heb een vraag over een rekening.

A: Wat is uw klantnummer?

B:  Dat is 0451200.

A:  Wat is uw vraag?

B:  Ik heb een rekening van 175 euro, maar ik kan dat niet betalen.

        Kan ik in termijnen betalen?

A:  Even kijken… Ja hoor, dat kan.

       U kunt in tien termijnen betalen.

       Dan betaalt u € 17,50 per maand.

B:  Wacht, ik pak even een pen. Dan schrijf ik het op.

       Oké… en moet ik dan extra kosten betalen? Of rente?

A:  Nee hoor, dat hoeft niet.

B:  Fijn, dank u wel.

A:  Geen probleem.

       Heeft u verder nog vragen?

B:  Nee, bedankt.

A:  Tot ziens.

B:  Dag.

4

Werk samen. Lees de situaties. Beantwoord de vragen.

Je leest over een probleem met geld. Hoe kun je dit probleem oplossen?

Bedenk samen een oplossing. Schrijf op.

1. De auto van Martha is kapot en ze brengt hem naar de garage. De reparatie kost 130 euro. Dat kan Martha niet in één keer betalen. Wat kan ze doen?

 

Oplossing:



2. Hasan krijgt een brief van de school van zijn dochter. Hij moet volgende week 45 euro betalen voor het schoolreisje. Hij kan volgende week niet betalen, maar wel over twee weken. Wat kan hij doen?

 

Oplossing:



3. Hans en Mariëlle hebben problemen met hun financiën. Ze hebben hun zorgverzekering zes maanden niet betaald. Hun schuld is €1760,-. Ze krijgen veel brieven. Als ze niet op tijd betalen, wordt hun schuld steeds hoger. Ze hebben veel stress door de schuld. Wat kunnen ze doen?

 

Oplossing:



5

Werk samen. Praat samen. Gebruik opdracht 4.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

Kijk naar situatie 1 van opdracht 4.

A werkt bij de garage.

B kan de rekening niet betalen. B wil in termijnen betalen.

B belt de garage.

 

Kijk naar situatie 2 van opdracht 4.

A werkt bij de school.

B kan de rekening niet betalen. B wil de betaling uitstellen.

B praat met de juf of meester op school.

6

Lees de tekst. Beantwoord de vragen.

Je wasmachine was stuk. Je krijgt een rekening van de reparatie.

1. Voor welke datum moet je de rekening betalen?



2. Hoe kun je de rekening betalen?



3. Welk deel van je wasmachine heeft het bedrijf gerepareerd?



4. Je wasmachine is na vier maanden weer kapot. Je belt het bedrijf. Ze repareren de wasmachine. Je hoeft niet te betalen. Waarom niet?



5. Je wasmachine is na vijf maanden weer kapot. De monteur vindt een sok in de afvoer van de wasmachine. Je moet nu wel betalen. Waarom?



thema 20-taak 3-6-H-100%

7

Werk samen. Praat over opdracht 6.

Vergelijk jullie antwoorden.

Waar staat het antwoord in de tekst?

8

Werk samen. Praat samen. Gebruik opdracht 6.

A begint.

Wissel daarna van rol.

 

A werkt bij het bedrijf Wasmachine Service.

B heeft de rekening van opdracht 6 gekregen.

B kan niet op tijd betalen.

B belt naar het bedrijf.

B vraagt uitstel.

 

A vraagt:

  • het klantnummer
  • de datum van de rekening
  • het bedrag

A zegt een nieuwe datum om te betalen.

9

Schrijf een e-mail. Gebruik opdracht 6.

Je stuurt een e-mail naar het bedrijf Wasmachine Service, omdat je uitstel wil.

 

Schrijf in de inhoud van je e-mail:

  • je naam en klantnummer
  • het bedrag van de rekening
  • wat je wil
  • wanneer je kunt betalen
Stuur naar je docent

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.