Draai je tablet om verder te gaan.

8 In mijn buurt

Wanneer begint de cursus?

1 Routines oefenen

1

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

Kun je me helpen? Ik ben niet zo ... de computer.

Op ... begint de cursus dan?

Ze ... de cursus.

... duurt de cursus?

... dan meteen uw naam noteren?

De cursus is drie keer ...

6 van de 6 goed.
Opnieuw invullen

2

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies het goede antwoord.

... gratis, mevrouw.

Welke cursus ...?

Nee, niet de cursus Engels. Ik ... de cursus Nederlands.

Ik heb een vraag over die cursus. ... begint die?

Ik kan u ... zetten.

... dan uw naam noteren?

6 van de 6 goed.
Opnieuw invullen

3

Lees de zin.
Sleep het goede woord in de zin.

Hij is erg handig met de computer.
Ik wil graag wat over de volgende les vragen.
We willen op 4 april beginnen.

Opnieuw invullen

4

Lees de zin.

Sleep het goede woord in de zin.

Welke cursus bedoelt u?

Wat kost de cursus?

Jackie belt over de cursus.

Opnieuw invullen

5

Wat hoort bij elkaar?

Het is twee keer

per week.

Ik zet u meteen

op de wachtlijst.

Wat kost

de cursus?

Opnieuw invullen

6

Wat hoort bij elkaar?

De les

begint op dinsdag 13 oktober.

Hoelang

duurt de cursus?

Op welke datum

begint de cursus?

Opnieuw invullen

7

Luister naar de zin.
Lees de zin.
Kies de goede reactie.

Welke cursus bedoelt u?

Op welke datum begint de computercursus?

Hoeveel kost de cursus, mevrouw?

We hebben ook een cursus Engels.

Kan ik u helpen, meneer?

Dag. Komt u voor de cursus?

6 van de 6 goed.
Opnieuw invullen

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.