Draai je tablet om verder te gaan.

Verbonden spraak

zwakke vormen

1 Oefening deel

Welk woord past het beste in de zin?

Ga je wel _____ naar België?

Welk woord past het beste in de zin?

Dit was mijn verhaal. Wat is _____ verhaal?

Welk woord past het beste in de zin?

Carla is _____ mooiste meisje van onze familie.

Welk woord past het beste in de zin?

Momentje, _____ komen zo.

Welk woord past het beste in de zin?

Heb je je boek bij _____?

Welk woord past het beste in de zin?

Ik hoor hem wel, maar hij hoort _____ niet.

Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

Ik heb _____ heerlijke vakantie!

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

Jan is er wel, hoor. Daar staat _____ fiets.

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

Ik wil het wel aan Vera vragen, maar _____ zegt toch nee.

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

In Italië kun _____ lekker eten.

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

Ik zeg niets als _____ dat ook niet doet.

Luister naar de zin. Welk woord zie je niet?

Ik wil _____ nooit meer zien!

Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.
Luister, zeg na en vergelijk.
0 van de 12 goed.
Kijk na

Foutje!

Er is een fout opgetreden. Probeer het opnieuw.