Dit is de regel:
| Ik schrijf. |
Ik heb geschreven. |
We hebben geschreven. |
| |
|
|
| Je schrijft. |
Je hebt geschreven. |
Jullie hebben geschreven. |
| U schrijft. |
U hebt geschreven. |
|
| |
|
|
| Hij schrijft. |
Hij heeft geschreven. |
Ze hebben geschreven. |
| Ze schrijft. |
Ze heeft geschreven. |
|
Schrijven is een onregelmatig werkwoord.
Er zijn veel onregelmatige werkwoorden.
Bijvoorbeeld: spreken, hebben, drinken, eten.